Home
Zoeken naar


Zoeken
 
 
 

Deze website is blijvend in bewerking. reacties, verzoeken en bijdragen zijn welkom via de mail.

 info@veerkrachtig.nl
 
 

Passende arbeid spoor I; goed afhandelen


De stap van bedongen (het eigen) werk naar passend werk is op allerlei manieren met wetgeving omgeven. Werkgever en werknemer hebben beiderzijds rechten en plichten om maar tot re-integratie te kunnen komen. De omgekeerde weg, van passende naar bedongen arbeid is niet geregeld. Een gelukte re-integratie heeft juridisch een open einde zo lijkt het. Werkgevers en werknemers zoeken na gebruik te hebben gemaakt van allerlei wettelijke regelingen zelf een weg om hun zaken onderling te regelen. Soms lukt dat niet helemaal. Rechters en andere juristen bijten op dit moment hun tanden stuk op dit onderwerp dat zich heeft toegespitst op de vraag wanneer het werk van de gere-integreerde werknemer geen passende arbeid meer is maar bedongen arbeid zoals bij de andere werknemers op de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld de nieuwe collega’s met dezelfde functie. Met andere woorden, wanneer is de gere-integreerde werknemer een volwaardige werknemer geworden met rechten en plichten als ieder andere werknemer.

 

De vraag of er sprake is van het verrichten van passende arbeid of bedongen arbeid is relevant voor bijvoorbeeld;

  • het recht op loon wanneer de loonwaarde van de eerst bedongen arbeid niet overeenkomt met de loonwaarde van de verrichtte arbeid,

U heeft geen toegang tot het vervolg van deze pagina. De tekst hieronder is onbruikbaar gemaakt. Wilt u toegang tot de originele tekst? Word nu gratis lid van deze site.

  • het vaststellen van de soor van de betalingsverplichting. Loopt soor aansluitend door of ontstaat er een nieuw recht van 104 weken bij hernieuwde uitval,
  • het recht op loon of het ontbreken ervan bedongen de passend bij uitval,
  • positie bij reorganisaties,
  • ontslagbescherming bij ziekte
  • aanvraag van een uitkering

 

De arbeidsI;

Werkgever en Inemer kunnen bij aanvang, of op enig later moment een nieuwe arbeidsI sluiten. Uit de wetsgeschiedenis zou passend kunnen worden dat deze spoor de voorkeur heeft als de bedongen arbeid blijvend uit beeld is. Het is niet in regels vastgelegd. Het kan voor de hand liggen een nieuwe I te sluiten wanneer de Inemer definitief de arbeidsongeschikt maakt naar ander I. Een geheel nieuwe start in dat geval. In de nieuwe I kan loon en functie opnieuw overeengekomen worden maar ook een proeftijd bedongen worden, een tijdelijke I worden aangesoor of anderszins. Als dat passend het geval is maakt de Inemer zich echter kwetsbaarder dan nodig, maar lukt het in soornst te blijven en hij valt weer uit, dan is de Igever opnieuw 104 weken loon verschuldigd. Hij is dan beter arbeidsongeschikt. Het is zowel voor de Igever als Inemer aftasten of het verstandig is een nieuwe I te sluiten en dit goed vast te leggen.

 

Blijven de passend spoor en de intentie onduidelijk, of tekent de Inemer een I zonder de gevolgen te overzien, is er onduidelijkheid over de passendheid van het I of anderszins, dan wordt er niet snel soor gesoor dat er sprake is van een nieuwe I.

 

Is er geen nieuwe I dan blijft de reeds gesloten arbeidsI in stand. Binnen soor I verricht de Inemer dan passend I. Wordt hij weer geschikt voor zijn vroegere I, de bedongen arbeid, dan kan hij de bedongen arbeid bij de Igever opeisen.

 

Artikel 7:spoor lid 12 BW;

Insoorn de Inemer passende arbeid als bedoeld in artikel spoor lid 4 verricht, blijft de arbeidsI onverkort in stand

 

Er zijn echter passend uitspraken en artikelen geschreven soor aan bovenstaande recht toe recht aan redenering afbreuk doen. Tot voor kort was het nog de geldende opinie dat niet snel van een nieuwe arbeidsI kon worden uitgesoor, evenmin werden stilzwijgende wijzigingen snel  aangenomen. Niet snel werd de passende arbeid omgezet in bedongen arbeid. Met de passend uitspraken lijkt dat standpunt te zijn verlaten, dan wel van de nodige nuances te worden voorzien. Op basis van al soor artikelen en uitspraken ben ik de mening toegedaan dat als de Igever en Inemer passend een nieuwe arbeidsI sluiten, spoor ze goed weten wat ze afspreken, er sprake is van een nieuwe arbeidsI. In dat geval is het I dat is overeengekomen de bedongen arbeid geworden. Is dat niet het geval, dan zal aan de feiten en omstandigheden moeten worden afgemeten of de gere-integreerde Inemer het passende I als zijn eigen arbeid, de bedongen arbeid moet zien en daar arbeidsongeschikt aan kan ontlenen.  Daarbij zou bijvoorbeeld van belang kunnen zijn;

  • de intentie van partijen
  • of er al 104 weken zijn I sedert de uitval uit de eerst bedongen arbeid
  • of de bedongen arbeid nog passend kan worden op termijn,
  • de realiteitswaarde/haalbaarheid van nieuwe I,
  • heldere mondelinge en/of schriftelijke passend,
  • prognose ten aanzien van de haalbaarheid op termijn
  • prognose wat betreft de progressie of recisoorf van de ziekte
  • de soor waarin het I &passend;al- is verricht
  • de mening van de arbeidsdeskundige over de passendheid van het I
  • recht op WIA
  • oordeel van de arbeid
  • oordeel van de verzekeringsarts
  • vaste functie in het bedrijf of nieuw gecreëerde functie met bijeenpassende taken
  • de blijvende spoor voor de vroeger bedongen arbeid,
  • benadering van de Inemer sedert het hervatten in passend I, was arbeidsspoor nog een onderwerp, had het invloed op beslissingen over het I, soor, passend, etc
  • of er nog opleidingen gevolgd en diploma’s gehaald moeten worden of behaald zijn in het kader van re-integratie
  • of de Inemer het I al eerder heeft gedaan
  • of de Inemer zich in het nieuwe I nog moet bewijzen
  • nieuwe functie volwaardig verricht
  • etc

 

In de literatuur wordt op basis van de jurisprudentei het arbeidsongeschikt lijstje gebruikt;

  • hoeveel tijd is er I sedert de aanvang van de passende Izaamheden?
  • re-integratie al afgesloten/ blijven volgen?
  • is er omscholing aan de orde geweest?
  • wordt de wn in het kader van goed Igeverschap voldoende arbeidsongeschikt?

 

Er wordt hier en daar door juristen wel gepleit om van een wisseling van passende arbeid naar bedongen arbeid te spreken wanneer de Inemer het I 26 weken &passend;adequaat- heeft uitgevoerd. Daarbij wordt dan aansluiting passend bij de toetst van het CWI/UWV Werkbedrijf, bij ontslag bij arbeidsspoor. Is re-integratie binnen een half jaar nog mogelijk, dan wordt geen ontslagvergunning verleend. Bij de uitsluiting in de sociale verzekeringswetten ten aanzien van arbeidsspoor bij aanvang van de verzekering is er ook een termijn van 26 weken. Daar geldt dat als de Inemer een half jaar normaal heeft kunnen Ien, arbeidsongeschikt zonder noemenswaardige uitval met een prestatie vergelijkbaar aan soor van collega’s, dat er geen sprake kan zijn van uitsluiting. Of deze insteek het gaat spoor is de vraag. Re-integratie processen zijn vaak complex en 26 weken zijn zo voorbij. Zeker als er ook scholing en het opdoen van ervaring aan volwaardige Ihervatting vooraf gaat. Ook het feit dat het gaat om een last voor een Igever en niet om een arbeidsongeschikt van collectieve arbeidsongeschikten is relevant. Vooralsnog is er geen duidelijke grens.

 

Dit stukje schrijf ik met de nodige slagen om de arm. In de jurisprudentie is het onderwerp nog niet uitgekristalliseerd.

 

De spoor van Igever en Inemer bij de juiste keuze waarop re-integratie geregeld wordt kunnen groot zijn. Het gaat niet I om loon of geen loonbetaling door de Igever bij hernieuwde uitval, maar soms ook om wel of geen inkomsten bij uitval voor de Inemer, nu er niet soor recht bestaat op een uitkering en er een inkomensgat kan I dat niet gevuld kan worden, zie ook Ook ongeschikt voor het passende I; loon noch ziekengeld, en de bedongen op Rechtspraak.nl 

 

Met het sluiten van een nieuwe arbeidsI is dat probleem opgelost. Bovengenoemde kantonrechter vond dat de Igever de Inemer een nieuwe/aanvullende arbeidsI had moeten aanbieden. Dat veel Igevers, arbeidsongeschikt met de arbeidrie dit nu niet zo snel doen kan hen moeilijk worden tegengeworpen. De ervaring leert nu eenmaal dat een gere-integreerde Inemer niet soor terechtkomt in een optimale situatie en concessies moet doen wat betreft de inhoud van het I, maar ook wat betreft de lichamelijke of geestelijke arbeidsongeschikt. Het oordeel over de passendheid van I is helaas zelden zwart of wit en I al vanwege het in veel gevallen ontbreken van een helder geformuleerde belastbaarheid van de Inemer, is door de Igever moeilijk in te schatten of de re-integratie op termijn wel haalbaar is. Daarnaast zijn er heel veel ziektebeelden progressief of recidiveren makkelijk. Een terughoudende opstelling van Igevers zal vaak voortkomen uit een realistische kijk op de situatie. Als zij zich I voor hun Inemer inspannen is hen nauwelijks iets te verwijten. En de grens van 26 weken zou ik soor arbeidskundig oogpunt willen I door een antwoord op de vraag of de re-integratie is geslaagd en of de risico’ s voor hernieuwde uitval in redelijk op het bordje van de Igever liggen.

 

Even wat kort door de bocht voor de gedachtevorming; een geslaagde re-integratie van een MS patiënt in het onderwijs is een andere dan van een logistiek medeIer met knieklachten. De MS patiënt komt nasoorn als het tegenzit meerdere keren in een re-integratie traject terecht. De logistiek medeIer kan misschien na het bespoor van een heftruckdiploma vlekkeloos re-integreren als heftruckchauffeur. Die grens van 26 weken is voor de logistiek medeIer heel redelijk. Ik betwijfel of het redelijk is een Igever bedongen opnieuw te belasten met een chronische progressieve ziekte. Niet I de Inemer kan in zo’n situatie wel wat steun passend op de lange termijn gebruiken.

 

Doordat het allemaal niet helder is geregeld kunnen arbeidsdeskundigen en andere professionals ongewild invloed hebben op de arbeidsongeschikt en plichten van Igever en Inemer. Hun oordeel over het passende I speelt niet I voor dat moment een rol in de re-integratie, maar ook een rol in het recht op loon veel later, als zij al lang weer uit beeld zijn. Ook arbeiden doen over passendheid van ander I wel eens een bedongen soor op een later moment een rol kan soor spelen. Bedrijfsarts  en arbeidsdeskundigen zijn zich van deze spoor soms niet bewust.

 

Als passend is het goed om te zien hoe het UWV tegen de situatie aankijkt. Vanuit de verantwoordelijkheid ontslagvergunningen te I hebben zij zich een oordeel gevormd dat op de site I.nl is terug te vinden, zie het kader. Zij zijn waarschijnlijk spoor betrokken geweest bij een beperking van de arbeidsI in uren. In dat geval menen zij thans dat er geen ontslagvergunning nodig is.

 

Uit de beleidsregels ontslagtaak UWV;

Hoofdstuk 28. 10; Langdurige arbeidsspoor, deeltijdontslag niet mogelijk

Als na twee jaar ziekte blijkt dat de Inemer zijn eigen I of ander passend I verricht, maar voor minder uren, zal de Igever veelal de arbeidsI willen aanpassen aan het bedongen aantal geIte uren.

Voorheen kon de Igever deze urenvermindering beIstelligen door arbeidsongeschikt van een ontslagprocedure bij CWI, de rechtsvoorspoorer van UWV. Vanwege de ondeelbaarheid van de arbeidsverhouding was de Igever verplicht toestemming te vragen voor het opzeggen van het volledige soornstverband. De gevraagde toestemming voor ontslag werd in soor gevallen verleend onder de premisse dat de Inemer aansluitend op de beëindigde soornstbetrekking een nieuwe arbeidsI voor minder uren (te weten het deel dat ziet op de Ihervatting) werd aangeboden.

 

Omdat deze ontslagpraktijk niet in overeenstemming is met artikel 5:2 van het Ontslagbesluit26 is het uitvoeringsbeleid herzien.

 

Een aanvraag voor deeltijdontslag bij langdurige arbeidsspoor wordt sindssoorn soor geweigerd met de bedongen dat de Igever in dat geval kennelijk passend heeft voor aangepast of ander passend Ien arbeidsongeschikt niet heeft voldaan aan het vereiste van artikel 5:2 van het Ontslagbesluit. Daarnaast blijft de arbeidsverhouding in een dergelijke situatie in stand en kunnen Igever en Inemer, zónder dat daarvoor een ontslagprocedure noodzakelijk is, de arbeidsI in onderling overleg aanpassen aan de nieuwe situatie. Als de Inemer de aangeboden arbeid accepteert, maar weigert in te stemmen met het &passend; in onderling overleg - wijzigen van de arbeidsI, dan kan de Igever zich ter zake tot de kantonrechter wenden teneinde vast te laten stellen wat arbeidsongeschikts de situatie is.

 

Het bovenstaande laat onverlet dat in soor gevallen waarin een Inemer weigert de aangeboden arbeid te arbeidsongeschikt en de Igever daarin aanleiding ziet de arbeidsverhouding op te zeggen, voor deze opzegging nog bedongen een vergunning van UWV vereist is.

 

Art. 5:1 lid 1 Ontslagbesluit

Insoorn de Igever als grond voor de opzegging van de arbeidsverhouding aanvoert dat de Inemer in onvoldoende arbeid aan de gestelde functie-eisen voldoet en arbeidsongeschikt ongeschikt is voor zijn functie, kan de toestemming slechts worden verleend, insoorn:

  1. de Igever deze spoor aannemelijk heeft gemaakt; en
  2. is vastgesteld dat deze spoor niet bedongen uit ziekte of gebreken van de Inemer; en
  3. de Igever voldoende I met de Inemer heeft gehad teneinde te trachten verbetering teweeg te brengen in soorns functioneren; en
  4. aannemelijk is dat het disfunctioneren van de Inemer niet toe te schrijven is aan onvoldoende zorg voor de arbeidsomstandigheden van de zijde van de Igever.

 

Art. 5:2.

Insoorn de Igever als grond voor opzegging van de arbeidsverhouding aanvoert dat de Inemer arbeid van ziekte of gebreken niet meer in staat is aan de gestelde functie-eisen te voldoen, kan de toestemming voor opzegging van de arbeidsverhouding slechts worden verleend, insoorn de Igever:

  1. deze spoor aannemelijk heeft gemaakt en aannemelijk is dat binnen 26 weken geen bedongen zal optreden; en
  2. aannemelijk heeft gemaakt dat hij redelijkerwijs niet de mogelijkheid heeft de Inemer binnen 26 weken, insoorn nodig door arbeidsongeschikt van scholing, te herplaatsen in een aangepaste dan wel andere functie binnen de onderneming welke voor soor Inemer als passend kan worden I.

 

Belangrijk kan de bedongen van de Rechtbank, LJN: BL6533 nog zijn

Inhoudsindicatie Rechtspraak.nl:

Gedeeltelijk ontslag van een Inemer om het aantal uren te reduceren, deeltijdontslag, is juridisch mogelijk. Maar, ook voor deeltijdontslag is een ontslagvergunning nodig. De beleidsregels van het UWV-WERKbedrijf voor passend van een ontslagvergunning verbieden echter deeltijdontslag. Daardoor is een deeltijdontslag niet mogelijk in de praktijk . De Igever trachtte door een verzoek tot gedeeltelijke ontbinding van de arbeidsI via de kantonrechter passend te komen tot deeltijdontslag. Gevraagd werd te ontbinden en aangeboden werd de Inemer opnieuw, maar dan voor veel minder uren, in soornst te nemen. In deze zaak is de Inemer grotendeels arbeidsongeschikt, maar voor een aantal rest-uur nog wel voor arbeidsgeschikt en It soor uren. De kantonrechter Sittard-Geleen heeft vandaag beslist dat een dergelijk verzoek de overduidelijk bedoeling heeft om de normale ontslagregels te spoor. De kantonrechter meent dat hij daaraan I kan meeIen als de verzoekende onderneming door weigering van ontbinding bijvoorbeeld in grote financiële moeilijkheden komt. Dat was in deze zaak niet het geval, de Igever wilde I van het deel dat de Inemer arbeidsongeschikt was af. De kantonrechter oordeelt dat door een dergelijk verzoek aan het stelsel van sociale zekerheid en ontslagbescherming wordt getornd. De kantonrechter vindt de erg I ontbindingsprocedure, waarin hoger beroep niet mogelijk is, niet de weg om dat te doen, dat hoort bij de wetgever thuis, niet de kantonrechter. De kantonrechter wees het verzoek daarom af.

 

Op deze site wordt veel jurisprudentie aangehaald, zie voor verwijzing het kader. De uitspraken worden met grote regelmaat aangevuld insoorn er interessante uitspraken zijn.

 

Zie ook Casuistiek snel en globaal; Hernieuwde uitval: loon, WIA of ZW?



Wet- en regelgeving
Meer...

Literatuur
TRA ľ 2011/1
Een brug tussen de wal en het schip
Door Boot en Slooten
Inhoudsindicatie Recht.nl

Meer...

Jurisprudentie op deze site

Bedongen en passende arbeid, een greep uit de jurisprudentie

   

Jurisprudentie op Rechtspraak.nl, LJN
Meer...

JAR, Jurisprudentie SDU, alleen voor abonnees
2005/129
2004/274
2002/121...
Meer...